Luieren in het noorden van Australië

Shame on me. Het is nogal tamelijk stil geweest op mijn blog. Hoog tijd voor een update!

Mijn werkavontuur in de outback zit er al een tijdje op. Ook het kamperen onder die duizelingwekkende sterrenhemel in het Red Centre ligt achter mij. Na 22 uur puffen en zweten op een bus zonder airco (is dit de hel?) kwam ik aan in Darwin. Op het eerste zicht een heel toeristisch stadje. Veel café’s en restaurants gericht op backpackers. Overdag redelijk kalm, ‘s avonds komt alles tot leven. Het vakantiegevoel overviel mij meteen.

Die vakantiemodus aka luiermodus heeft me niet snel losgelaten. De eerste dagen vond je mij vooral terug aan het Waterfront. Dit is een artificieel strandje (aangezien er kans is op krokodillen in de zee) met een enorme ligweide eromheen. Ik ben fan. Zand is toch niet mijn ding, dat kruipt altijd waar het niet moet zijn.

Momenteel is het winter en ‘droog seizoen’ in Darwin, de beste periode van het jaar. Tijdens het regenseizoen is het veel te benauwd en zijn er vaak cyclonen, overstromen de wegen en zijn de nationale parken minder toegankelijk. Dan komt een groot gebied onder water te staan waardoor krokodillen van de ene plas naar de andere kunnen zwemmen. Zo zijn ze zelfs tijdens het regenseizoen te vinden bij de watervallen waar we nu gezwommen hebben. Bij droog seizoen worden ze dan terug naar hun habitat gebracht. Ik heb er al vaak zien liggen aan de rivieren (vanop een grote afstand uiteraard 😉 ). Zo fascinerend!

De nationale parken rondom Darwin zijn heel gekend en het zou ongelooflijk zonde zijn om deze over te slaan. Ik heb het over Kakadu en Litchfield National Park. Beide vooral bekend voor prachtige watervallen. En wat kan het leven lastig zijn. Trappelen als een bezetene om toch maar een mooie selfie onder de waterval te bemachtigen. Of een tweehonderdtal meter moeten zwemmen om naar de andere kant van de waterpool te geraken. Een mens ziet af.

Eén van mijn grote talenten, eeuwig twijfelen, heeft me deze maand serieus parten gespeeld. Aan de ene kant wilde ik graag zo snel mogelijk beginnen aan een roadtrip langs de westkust, richting de stad Perth. Na even googelen blijkt het in Perth koud en onweerachtig te zijn. Waarom dan niet even in het warme Darwin blijven… De constante 30 graden trok me over de streep. Bovendien had ik (meestal) hilarische roommates en heb ik dankzij één van hen toch af en toe ergens kunnen werken en een centje bij verdienen. 

Nu is het definitief. Ik ga op roadtrip langs de westkust. De jeep lonkt. Binnenkort slaap ik opnieuw op de grond (=kamperen), krijg ik terug een laagje rood stof over me heen en bewonder ik die fenomenale stranden. Ik heb al zo vaak gehoord dat de westkust het mooiste deel van Australië is. Bovendien is het ook de meest afgelegen kust. Het is niet zo toeristisch, ongerept en zeer uitgestrekt. Samen met 2 andere backpackers vertrek ik voor een vier à vijftal weken op roadtrip. De Amerikaan Michael heeft een jeep met tent en we delen de benzinekosten. We zullen vooral op gratis campings slapen. Na de trip zal het weer tijd zijn om te werken & sparen. But first… let’s hit the road!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Close
Close
%d bloggers liken dit: